Heel lang geleden reed Sint Maarten, die toen nog gewoon 'Martinus' heette

op zijn paard naar de stad Amiens in Frankrijk.

Aan de poort van de stad zat een arme man te bibberen van de kou. 

Martinus had geen geld op zak, maar hij sneed een stuk van zijn mantel af en gaf dit aan de man.

Later werd Martinus bisschop in de stad Tours. Hij bleef altijd goed voor de armen zorgen.

Elk jaar op 11 november is het 'Sint Maarten feest'.

Voordat de winter aanbrak mochten de arme mensen langs de deuren gaan 

om een liedje te zingen. In ruil daarvoor kregen zij eten, brandstof of warme kleren. 

In onze tijd gaan kinderen langs de deuren met een lampion.

In ruil voor een liedje krijgen ze iets lekkers.